Het kabinet heeft pasgeleden het wetsvoorstel 'Verhoging pensioenleeftijd 66 jaar' naar de Tweede Kamer gestuurd. Daarin wordt geregeld dat de AOW-leeftijd naar 66 jaar gaat. Maar dat niet alleen. Ook de regels voor de opbouw van andere oudedagsvoorzieningen gaat vanaf 2013 weer helemaal op de schop. Als deze nieuwe regels ongeschonden door de Tweede en Eerste Kamer komen en tot Wet verheven worden, dan zullen alle pensioentoezeggingen op de schop moeten. Wat houden de voorgestelde wijzigingen in?
1. De aftrek van pensioenpremies wordt gebaseerd op een pensioenleeftijd van 66 jaar, hetzelfde jaar dat de AOW zal ingaan. Deze nieuwe regel ligt uiteraard voor de hand, omdat de AOW leeftijd ook wordt verhoogd.
2. De maximale pensioenopbouw bij een eindloonregeling wordt 1,75% per dienstjaar (is nu nog 2%).
3. De maximale pensioenopbouw bij een middelloonregeling wordt 2% per dienstjaar (is nu nog 2,25%)
4. Het nabestaandenpensioen (weduwe- en wezenpensioen) wordt dienovereenkomstig verlaagd.
5. De wijzigingen gaan met ingang van 1 januari 2013 in. De opbouw tot en met 31 december 2012 hoeft niet te veranderen.
6. De staffels voor beschikbare premieregelingen worden naar beneden toe bijgesteld.
7. De lijfrentepremieaftrek wordt verlaagd van 17% naar 14,5%, zodat er minder lijfrentepremie kan worden afgestort.
8. Toevoegingen aan de fiscale oudedagsreserve mogen nog slechts 10% van de winst bedragen (nu nog 12%).
Daarnaast zijn er nog een aantal technische wijzigingen die het gevolg zijn van bovenstaande voorstellen.
Heeft u in uw onderneming pensioenregelingen voor uzelf of uw personeel? Dan zullen deze vóór 2013 helemaal opnieuw bezien moeten worden. Ook pensioenfondsen zullen hun huiswerk nog een keer moeten overdoen om te kijken of ze binnen de nieuwe fiscale marges blijven.
In het laatste anderhalf decennium is dat voor alle pensioenregelingen al een paar maal gebeurd. De regering heeft daar echter geen boodschap aan en zadelt werkgevers en pensioenverzekeraars nogmaals op met een enorme administratieve last. En dat door een overheid die telkens zo de mond vol heeft over administratieve lastenverlichting.
Het is de overheid al langer een doorn in het oog, dat er in Nederland zoveel pensioen- en lijfrentepremies worden betaald. Deze premies leiden nu niet tot belastingheffing, doch pas veel later bij het genieten van de uitkeringen. Vandaar de steeds verdergaande versobering van de oudedagsopbouw. Zo wordt het zo geroemde Nederlandse pensioenstelsel steeds verder beperkt.