Actueel › Nieuws › Vakantiedagen ›
Een werknemer bouwt gedurende zijn dienstverband vakantiedagen op. Het wettelijk minimum aantal is 20 dagen bij een voltijds dienstverband. Om precies te zijn: 4 maal de normale werktijd per week. Dus als iemand 40 uur per week werkt, is het minimum aantal vakantiedagen 4 x 40 uur = 160 uur per jaar, is 20 werkdagen per jaar. Als iemand dus 30 uur per week werkt is dat 120 uur per jaar.
Als iemand langdurig ziek wordt, bouwt de werknemer slechts vakantiedagen op over het laatste halfjaar van zijn ziekte. Stel dat er een ziekte is van anderhalf jaar, dan krijgt de zieke dus slechts over het laatste halfjaar van arbeidsongeschiktheid vakantiedagen bijgeschreven. Bij een voltijds dienstverband betekent het dus dat de zieke "slechts" 10 dagen vakantie opbouwt over een periode van anderhalf jaar.
De Europese rechter heeft echter een uitspraak gedaan, waaruit blijkt dat de arbeidsongeschikte werknemer gelijk behandeld moet worden als de werkende werknemer. Om daaraan gehoor te geven, is er een wetswijziging voorgesteld voor de Nederlandse situatie , waarbij de werknemer in ons voorbeeld dus niet 10 dagen vakantie opbouwt over de anderhalf jaar van arbeidsongeschiktheid, maar 30 dagen. Er is geen flankerende wetgeving voorgesteld om het risico voor de werkgever wat te beperken.
Indien de voorgestelde wetswijziging onverkort doorgaat, betekent dit een flinke lastenverzwaring voor de werkgever. Allereerst moet de werkgever gedurende twee ziektejaren het loon doorbetalen en daarna - als het tegenzit - ook nog een keer ten minste 30 vakantiedagen uitbetalen als de werkgever een ontslaguitkering heeft aangevraagd na de twee ziektejaren van zijn (voormalige) werknemer.
Blijkbaar gaan de Europese en Nederlandse wetgevers en rechtsprekers er van uit dat alle werkgevers hele diepe zakken hebben en dat er altijd genoeg geld is om elke arbeidsongeschikte werknemer in de financiële watten te leggen.